Tijdens de Nacht van de Kerken zong CANTUS delen uit de Walburga Codex van Zutphen. Het was de eerste keer dat deze muziek in Sint-Walburgis klonk ook al was deze in de 15de eeuw op schrift gezet.

De vier zangers zongen uit een facsimile van de originele partituur. De vele bezoekers konden deze ook zelf inkijken.
Je kan een fragment beluisteren: klik hier
De tekst uit het begeleidende programmablaadje:
De Codex
De gezangen die vandaag klinken, zijn overgeleverd in twee kostbare handschriften uit het
kapittel van Sint-Walburgis te Zutphen, bewaard als inventarisnummers 626 en 627 van het
Regionaal Archief Zutphen. Beide manuscripten behoren tot de rijke muzikale traditie van
de Walburgiskerk en vormen een uitzonderlijke getuigenis van het religieuze leven in de
laatmiddeleeuwse Nederlanden.
Het handschrift 627 werd waarschijnlijk vervaardigd in het Heer Florenshuis te Deventer
in de tweede helft van de vijftiende eeuw (de Hoge Middeleeuwen) en later nog aangevuld
in de zestiende eeuw. Het is geschreven op perkament en bevat liturgische teksten en
gezangen die gebruikt werden door de kanunniken van het Sint-Walburgiskapittel. De
verzorgde gotische schriftuur en de ruime opmaak tonen dat het manuscript bedoeld was
voor gebruik tijdens de koordiensten. De zangnotatie bestaat uit de karakteristieke
laatmiddeleeuwse gotische neumen, vaak beschreven als “spijkernoten” vanwege hun
hoekige, krachtige vorm. Deze notatie weerspiegelt de overgang van de vrije vroege
neumenschrift naar een meer gestandaardiseerde muzieknotatie.
Het handschrift 626, een antiphonarium, bevat de gezangen voor het getijdengebed doorheen
het kerkelijk jaar. Antifonen, responsoria en hymnen volgen elkaar op in een zorgvuldig
geordende liturgische structuur. Samen laten beide boeken zien hoe de dagelijkse lofzang in
de Walburgiskerk vorm kreeg. Ze waren geen verzamelobjecten, maar levende
gebruiksboeken die generaties geestelijken begeleidden bij het zingen van de liturgie.
Bijzonder is dat deze manuscripten de eigen traditie van de verering van Sint-Walburgis
bewaren. De gezangen verbinden Bijbelse beeldspraak met de legende van de heilige en
geven haar plaats binnen de middeleeuwse spiritualiteit een muzikale stem. Wanneer wij
deze melodieën vandaag uitvoeren in de Sint-Walburgiskerk van Antwerpen, klinkt
muziek die meer dan vijf eeuwen geleden op perkament werd vastgelegd opnieuw tot leven.
Zo ontstaat een brug tussen de middeleeuwse koorpraktijk van Zutphen en de art-deco
architectuur van Antwerpen: verschillende tijden, maar dezelfde traditie van gezongen gebed
en muzikale devotie.
Waarom zingen uit de oorspronkelijke manuscripten?
Het zingen rechtstreeks uit de oorspronkelijke manuscripten geeft een unieke verbinding met
de musici en geestelijken die deze gezangen eeuwen geleden hebben uitgevoerd. De notatie,
de volgorde van de gezangen en zelfs de sporen van gebruik in het perkament brengen ons
dichter bij de oorspronkelijke liturgische praktijk dan een moderne uitgave ooit kan doen.
Het zijn geen reconstructies op basis van latere bronnen, maar authentieke getuigen van een
levende traditie.
Bovendien onthullen de middeleeuwse handschriften details die in moderne transcripties
soms verloren gaan: de vorm van de neumen, de liturgische context en de manier waarop
tekst en melodie met elkaar verbonden zijn. Door rechtstreeks uit deze bronnen te zingen,
wordt de uitvoerder niet alleen vertolker maar ook ontdekkingsreiziger. Elke uitvoering
wordt zo een ontmoeting met het verleden, waarbij de muziek opnieuw klinkt zoals zij
eeuwen geleden bedoeld was. Dat geeft deze gezangen een bijzondere historische diepgang.
Dit bericht werd geplaatst door: Walburgis